Vetzucht

Overgewicht

Overgewicht komt veel voor bij honden met alle gezondheidsrisico’s van dien. In dit artikel vindt u meer informatie over overgewicht bij honden. Hoe honden te zwaar worden, waarom dit een probleem is en wat u eraan kunt doen om ze weer op hun gezonde, ideale gewicht te krijgen.

Wat is overgewicht?

Overgewicht is een overmatige ophoping van vet in het lichaam. Overgewicht ontstaat doordat de hond meer energie opneemt dan hij verbruikt. De calorieën uit de voeding die het dier niet nodig heeft voor zijn dagelijkse bezigheden worden opgeslagen als vet. Als het lichaamsgewicht van het dier minder dan 15% boven het ideale gewicht is, wordt van overgewicht gesproken. Als het lichaamsgewicht van het dier 15% of meer boven het ideale gewicht is, spreken we zelfs van vetzucht of obesitas. Bij meer dan 30% van de honden in Nederland is sprake van overgewicht of vetzucht. Te veel eten in combinatie met te weinig beweging is de meest voorkomende oorzaak van overgewicht. Het geven van tafelresten of tussendoortjes vergroot daarbij het probleem. Jonge dieren die meer energie met de voeding opnemen dan ze nodig hebben, krijgen later vaak last van overgewicht. Bovendien lopen pups die te zwaar zijn een groter risico van het krijgen van bot- of gewrichtsproblemen. Daarnaast neemt het gewicht meestal toe na sterilisatie of castratie, als de voedselopname van het dier niet verandert. Dit kan komen doordat de hormoonhuishouding van het lichaam na sterilisatie of castratie verandert en het dier wat minder actief wordt en dus minder calorieën nodig heeft. Incidenteel kunnen stofwisselingsstoornissen of medicijngebruik overgewicht tot gevolg hebben.

De risico’s van overgewicht

Dieren met overgewicht leven meestal korter en zijn vaak minder gezond dan dieren die een optimaal gewicht hebben. Het teveel aan lichaamsgewicht belast de botten en de gewrichten en kan reeds aanwezige aandoeningen zoals gewrichtsproblemen (artrose) verergeren. Dieren met overgewicht voelen zich bovendien vaak niet prettig, kunnen slechter tegen hitte en kunnen minder goed spelen en bewegen. Ook hebben ze minder weerstand tegen infecties en lopen ze meer risico tijdens een operatie en narcose. Doordat dieren met overgewicht minder bewegen neemt het energieverbruik af, waardoor de problemen van overgewicht of vetzucht alleen nog maar verergeren.

De belangrijkste risico’s van overgewicht zijn:

• Bewegingsproblemen en gewrichtsaandoeningen
• Verminderd uithoudingsvermogen
• Leveraandoeningen
• Suikerziekte (diabetes mellitus)
• Grotere risico’s bij operaties en narcose
• Slechte huid- en vachtconditie
• Verminderde weerstand tegen infecties
• Hart- en longproblemen

Hoe herkent u overgewicht?

De verschijnselen bij overgewicht zijn:
• Vetophoping op de ribbenkast, ruggengraat en staartbasis
• Dikke buik en verlies van taille
• Verminderd uithoudingsvermogen
• Slecht bestendig tegen warmte

Een gemakkelijke manier om te controleren of uw huisdier overgewicht heeft, is zijn ribben te voelen door met een vlakke hand over de borstkas te strijken. Als u de ribben niet of met moeite kunt voelen, dan is uw huisdier te zwaar. Daarnaast kunt u uw huisdier bij ieder bezoek aan de dierenarts laten wegen, zodat veranderingen in het lichaamsgewicht vroegtijdig opgemerkt worden.

De behandeling

Allereerst zal bekeken moeten worden of er een medische oorzaak is dat het dier dik wordt. De medisch meest voorkomende oorzaak van vetzucht bij de hond is een te traag werkende schildklier (hypothyreoïdie). Sommige rassen (Dobermann) zijn gekend vanwege deze aandoening.

Bij de behandeling van overgewicht spelen drie factoren een rol: de voeding, de lichaamsbeweging en het gedrag van het dier.

Dieetvoeding
Indien uw dier last heeft van overgewicht of vetzucht zal hij moeten afvallen. Dit kan worden bereikt door de energieopname via de voeding te verminderen en het energieverbruik door middel van meer beweging te stimuleren.
Uw dierenarts zal een streefgewicht voor uw hond vaststellen en aangeven hoeveel het dier per dag mag eten. Meestal wordt een energie-arme (calorie-arme) dieetvoeding voorgeschreven. De duur van de vermageringsperiode is afhankelijk van hoeveel uw huisdier moet afvallen, een proces dat geleidelijk moet plaatsvinden.. Honden mogen in principe per week maximaal 2% van het lichaamsgewicht afvallen. Daarom wordt geadviseerd het gewicht om de 2 weken te laten controleren bij uw dierenarts. Als het dier geleidelijk gewicht verliest is het namelijk gemakkelijker om het dier op het ideale gewicht te houden zodra het streefgewicht is bereikt. Over het algemeen duurt het meerdere maanden tot het streefgewicht wordt bereikt.

Lichaamsbeweging
Door regelmatig te bewegen (zoals lopen en rennen) wordt door het lichaam meer energie verbruikt. Voor honden is zwemmen een goede beweging, vooral als de hond gewrichtsproblemen heeft mits het water niet te koud is. Zwemmen is een gering belastende beweging dus het energieverbruik is niet al te hoog. Zorg ervoor dat de hond gemakkelijk de kant op kan (lopen), dit voorkomt blessures. De lichaamsbeweging moet wel langzaam opgebouwd worden.

Gedrag
Het bedelgedrag wordt bevorderd als het dier telkens iets lekkers krijgt als hij erom vraagt. Daarom is het belangrijk dat het dier geen tussendoortjes krijgt. Veel eigenaren voeren van alles en nog wat bij, heel vaak zijn dit calorierijke zaken.
Of de behandeling van overgewicht succes heeft, is in grote mate afhankelijk van de eigenaar. Alleen die kan ervoor zorgen dat de hond werkelijk gewicht verliest. Het zal moeite kosten maar het is het zeker waard. De gezondheid en de kwaliteit van het leven van de hond gaan erop vooruit en de eigenaar zal meer plezier beleven aan zijn gezelschap.

Eigenschappen van een vermageringsdieet

Laag energiegehalte
Een caloriearme dieetvoeding maakt het mogelijk de energieopname door uw hond te beperken zodat uw hond gewicht verliest. Daarnaast worden de aanbevolen hoeveelheden voeding per dag afgestemd op het streefgewicht.

Hoog eiwitgehalte
Eiwitten leveren voor het lichaam netto minder energie dan vetten en koolhydraten. Daarom is het belangrijk dat de dieetvoeding een hoog eiwitgehalte bevat. Het hoge eiwitgehalte zorgt er bovendien voor dat bij gewichtsverlies voornamelijk het vet van het lichaam verdwijnt en de spiermassa behouden blijft. Daarnaast bevorderen eiwitten het gevoel van verzadiging, zodat het dier ondanks het dieet geen hongergevoel heeft. Een goede bespiering is van belang om het skelet te ondersteunen zeker als er sprake is van artrose.
Veel eigenaren geven goedbedoeld sperziebonen of gewoon minder voer. Met deze methode krijgt de hond minder van alles!! Minder eiwit, minder vitaminen en mineralen. Deze methode verdient dus zeker geen aanbeveling uit medisch oogpunt. Ook de zogenaamde `lightvoeders` zijn niet geschikt om dieren te laten vermageren.

Verhoogd vezelgehalte
Een vermageringsdieet is speciaal ontwikkeld om uw hond na het eten een voldaan gevoel te geven, terwijl een maaltijd toch aanzienlijk minder calorieën bevat dan normale voeding. Een verhoogd vezelgehalte en speciale voedingsvezels zorgen voor een vergroting van het voedselvolume in de maag. Dit geeft een gevoel van verzadiging waardoor de hond minder honger heeft en dus minder zal bedelen.

Verhoogde gehaltes aan voedingsstoffen
De gehaltes van de belangrijkste voedingsstoffen zijn verhoogd (eiwitten, essentiële vetzuren, vitaminen, mineralen), om er zeker van te zijn dat tijdens het gewichtsverliesprogramma ruimschoots in de voedingsbehoefte wordt voorzien.

Bij de behandeling van overgewicht of vetzucht zal uw dierenarts uw huisdier een speciale dieetvoeding voorschrijven. Na het behalen van het streefgewicht is het belangrijk te zorgen dat het dier niet opnieuw te zwaar wordt. Dieren die met een caloriearme dieetvoeding het streefgewicht bereikt hebben, gaan efficiënter om met de hoeveelheid energie die ze met de voeding opnemen. Daarom hebben dieren die een gewichtsverliesprogramma hebben gevolgd, minder energie nodig om op gewicht te blijven. Om het optimale gewicht te behouden wordt geadviseerd na een caloriearme dieetvoeding over te schakelen op een (dieet)voeding met een beperkt energiegehalte, uw dierenarts kan u hier verder bij adviseren.

© 2011 Dierenarts B.J. Carrière, Sterkliniek Dierenartsen Ermelo.